Welkom bij Weylin Tracking!

Je kent het gevoel waarschijnlijk wel. Je bent met een natuurliefhebber op pad, en hij of zij ziet constant van alles en nog wat. Hoe doet ‘ie dat toch? Het lijkt wel iets magisch. Het goede nieuws is dat het aan te leren is. Als er al een geheim is, is het ’t aantal besteedde uren op de knieën. Want alleen zó leer je een oude kunst zoals het spoorzoeken beheersen. Wij bij Weylin Tracking helpen je daar graag mee op weg.

Onze jaaropleiding en workshops zijn bedoeld voor mensen die zich willen verdiepen in diersporen. Ook komen we met plezier langs voor een lezing of excursie ter plaatse. Dat kan ook als onderdeel van bijvoorbeeld een IVN Natuurgidsen opleiding. Vaak wordt een lezing gecombineerd met een excursie. Verder is het mogelijk workshops en cursussen op maat te geven. Zo hebben wij workshops verzorgd voor scholen, IVN & KNNV afdelingen en bedrijven. Ook bedrijfsuitjes behoren tot de mogelijkheden.

Ook brengen wij publicaties uit. In 2016 verscheen de online multimediale sporengids www.Diersporengids.nl. In hetzelfde jaar verscheen de Weylin Veldgids Loopsporen, een handzame gids voor gebruik in het veld.

Voor meer informatie neem contact met ons op.

Weylin betekend zoon van de wolf in een oude Keltische taal.


Sta stil. De bomen voor je en het struikgewas naast je zijn niet verdwaald.
Waar je bent is Hier, en je moet het behandelen als een krachtige vreemdeling,
en het toestemming vragen het te leren kennen, en jou te leren kennen.
Het bos ademt. Luister. Het antwoord, ik heb deze plek rond jou gemaakt.
Als je weggaat kom je misschien terug, en noem je het Hier.
Geen twee bomen zijn hetzelfde voor de Raaf,
geen twee takken hetzelfde voor de Winterkoning.
Als je niet weet wat een boom of tak doen, dan ben je waarachtig verdwaald.
Sta stil, het bos weet waar je bent. Je moet het jou laten vinden.

“Verdwaald”, door David Wagoner

Ervaringen

Dit is wat deelnemers zeggen over onze opleiding, workshops en belevingsweekeinden. Ververs de pagina voor meer.

Thema-avond Dassen IVN & KNNV Winterswijk woensdag 12-10-2016

Drie-en-dertig bezoekers trok deze thema-avond over dassen in Winterswijk, een heel goede score. Van te voren melde een aantal mensen mij al over het aanwezig zijn van dassenburchten in hun omgeving – geweldig! En ik neem aan dat zij dan ook aanwezig waren op deze bijzondere avond.

Onze spreker, Jeroen Kloppenburg uit Deventer vertelde met grote kennis van zaken en enthousiasme over de das:
Energiek bewegend over de gehele breedte van de zaal gaf hij aan hoe groot een dassenburcht kan zijn. Soms verdacht ik hem ervan stiekem zelf een das te zijn, of te willen zijn.

Over Jeroen:
Was in zijn jeugd al geinteresseerd in de natuur. Daarom in 2008 de IVN-gidsencursus met goed gevolg afgelegd. De dassen trokken zijn aandacht, dus rond Deventer alle dassenburchten geinventariseerd. En momenteel is hij coördinator van de dassenwerkgroep Deventer.
Ook otters trokken zijn aandacht, en vele andere dieren. Nu adviseert en intersseert hij mensen met diverse workshops.

Over de das zelf:
In principe is het een vleesetend dag-roofdier, maar door menselijke ingrijpen is hij een beetje verbannen naar de schemering. Zijn voedselinname past de das aan aan de seizoenen; regenwormen, insecten, een verlaten aasdier, maar ook mais en kruiden. De das maakt een burcht dat bestaat uit een aantal toegangs- en vluchtpijpen, met daarin diverse kamers: kraamkamer, speelkamers en voorraadkamers. Deze burcht kan zich, cirkelvormig, tientallen meters uitstrekken. Een enkele keer maakt een vos daar gebruik van en neemt een verlate pijp en kamer als nest. Dat blijkt in de praktijk aardig goed samen te gaan, die twee buren. Maar een vos is een niet zo proper dier, en de das wel. De das zal dan ook de verbindingen naar de vossenhuiskamer dichtmaken omdat die stinkt naar urine en prooi. De das maakt de ingang naar de burcht op een aparte manier: vanboven rond – en aan de onderkant afgevlakt (denk aan een gekantelde hoofdletter 'D'.) Een vossepijp is ovaalvormig en hoog. Een das is nogal eigenwijs en zit vast in zijn eigen patroon van voedselzoeken. Daardoor worden dassen regelmatig verkeersslachtoffer. Gelukkig nemen natuurorganisaties daarvoor maatregelen:
Speciale daspijpen en dasovergangen bij wegen. Agrariers klagen wel over de das, immers zij beschadigen landbouwgrond door hun gewroet naar regenwormen en het stelen van mais, maar de das is niet verantwoordelijk voor infectieziekten zoals rundertuberculose. Eerder andersom, want een besmette koeienvlaai blijft wekenlang liggen.

De das – een heerlijk dier met race-strepen op zijn kop ( ja ik ben een rally-rijder).

Deze lezing vond ik erg informatief, goed gedocumenteerd en voorzien van prachtige afbeeldingen, derhalve beoordeel ik het met vier en een halve ster uit maximaal vijf. (4½*)

– Hans B., IVN Winterswijk